Post corona-beleid: micro-data, vriend of vijand?


De corona-pandemie heeft veel leed en verdriet veroorzaakt in grote delen van de wereld, en heeft bovendien het vertrouwen in gezondheidszorg aangetast en tot forse (inkomens)ongelijkheid geleid. Om die crisis aan te pakken, moeten overheden beleid op vele terreinen aanpassen. Gebruik van data kan daarbij een belangrijke rol spelen, maar is echter niet zonder risico.

Dat schrijft Bart Le Blanc, voormalige bankier en topambtenaar en thans president-commissaris van APG Asset Management, in zijn bijgesloten analyse "In God we trust ... and in the data?"

In die analyse toont Le Blanc zich kritisch over het vermogen van overheden om met macro-economisch beleid de divergentie en inkomensongelijkheid te verkleinen. Daarvoor is volgens hem meer (doel)gericht beleid nodig. Hij denkt dat dat alleen kan met gebruikmaking van lokaal management en daarvoor is micro-data nodig. Maar, vraagt Le Blanc zich op basis van onze ervaring met thuiswerken tijdens corona en de lawine van data af, kunnen we al die informatie wel vertrouwen? 

Le Blanc stelt dat een combinatie van inzichten uit de institutionele economie, datawetenschappen, ethiek én gezond verstand, voor een betrouwbaar en post-pandemie beleid kunnen zorgen. Tegelijkertijd waarschuwt hij wel dat burgers (cq consumenten), die de data doorgaans zelf aanleveren, ermee akkoord moeten gaan. In dat verband moeten ze ook het doel van de onderliggende algoritmen begrijpen. 

In zijn bijdrage gaat Le Blanc nader in op het werk van Nobelprijswinnaar Elonir Ostrom, die veel gepubliceerd heeft over de Economics of Common Good, en het boek "Frictie" van de Nederlandse filosoof Miriam Rasch.