‘Mission creep’ bij centrale banken


Nederlandse economen van mijn generatie zijn geschoold met de algemene regel dat DNB voor de komst van de euro primair de ‘hoedster van de gulden’ was. Het betekende dat DNB de interne en de externe koopkracht van de gulden (af te meten aan de inflatie en de wisselkoers) diende te managen op een wijze die het meest gedienstig was aan de economie.

Daaraan werd toegevoegd dat DNB het algemeen economische beleid van de regering zo mogelijk diende te ondersteunen. Met politiek beladen onderwerpen hield DNB zich echter nooit bezig, tenzij er duidelijk een economisch aspect aan zat dat de eigen taakstelling raakte. Inmiddels is er veel veranderd. DNB is onderdeel van het eurosysteem en we leven meer en meer in een activistische tijd. 

In verreweg de meeste landen zijn centrale banken onafhankelijk van de politiek. Dat is niet voor niets. De ervaringen met monetair beleid gevoerd door politici zijn allerminst gunstig. Het is daarom belangrijk dat die onafhankelijkheid gekoesterd wordt. Vooral in discussies in het Amerikaanse Congres wordt vaak duidelijk dat die onafhankelijkheid niet vanzelfsprekend is.

De politiek moet de centrale bank haar onafhankelijkheid wel gunnen. Dat is geen probleem als de centrale bank zich ook onafhankelijk van de politiek opstelt en zich toelegt op haar feitelijke taken. Die vragen sowieso al vaak het uiterste van de stuurmanskunst van centrale bankiers die, uiteraard, over een beperkt arsenaal aan beleidsinstrumenten beschikken.

Pijlen op San Francisco Fed

Een Republikeinse senator voor de staat Pennsylvania, Pat Toomey, heeft de San Francisco Fed onlangs om opheldering gevraagd over de research-activiteiten van die instelling. In de optiek van Toomey is sprake van ‘mission creep’. Hij constateert dat de diverse Federal Reserve banken, waaronder die van San Francisco, “have increasingly been engaged in research on social policy topics reflective of the political and normative leanings of unelected Federal Reserve Bank officials”.

Het is duidelijk dat Toomey daar niet van gediend is. Hij schrijft in zijn brief aan Mary Daly, de bestuursvoorzitter van de San Francisco Fed, dat alle lokale Federal Reserve banken eigen researchafdelingen op de been houden en hij informeert naar het budget daarvoor. Het lijkt op een impliciete dreiging om dat budget te kortwieken.

Gelet op de huidige politieke verhoudingen in de VS zullen deze activiteiten van Toomey vooralsnog met een sisser aflopen. De Democraten hebben immers zowel in het Huis van Afgevaardigden als in de Senaat de meerderheid. Toomey zal een keurig antwoord krijgen waarmee hij feitelijk met een kluitje in het riet wordt gestuurd. Maar het kan anders worden wanneer in de toekomst weer andere politieke verhoudingen ontstaan.

ECB moet terughoudend zijn 

Ook rond de ECB zit beweging in wat van de centrale bank wordt verwacht. Waar de discussie over de Fed zich toespitst op zowel sociaal beleid als klimaatbeleid, wordt van de ECB vooral op dat laatste gebied steeds meer gevraagd. De uitdaging voor de ECB is om één en ander in te passen in haar bestaande taakstelling. Daarbij kiest ze er vooral voor om de sterkte van banken mede te beoordelen op het gebied van klimaatrisico’s.

Het is daarbij gepast dat de ECB de nodige terughoudendheid betracht. Centrale bankiers zijn geen klimaatdeskundigen. De hele discussie rond klimaatverandering en klimaatbeleid is politiek beladen en ook wetenschappelijk omgeven met veel onzekerheid. Een al te activistische centrale bank begeeft zich op glad ijs. Dat kan leiden tot ingewikkelde beleidsdilemma’s wanneer de verschillende doelstellingen tegengestelde beleidsacties vergen. Uiteindelijk kan ook de onafhankelijkheid van de centrale bank in gevaar komen. Het is te hopen dat het zover niet komt.

Han de Jong is voormalig hoofdeconoom van ABN Amro en momenteel ondermeer huiseconoom bij BNR. Hij schrijft wekelijks voor Fondsnieuws over economie en markten. Meer informatie over zijn visie kunt u lezen op Crystal Clear Economics.