Bubbels zijn best goed, maar niet allemaal


Vorige week publiceerde het IMF updates van drie belangrijke publicaties, over de economische vooruitzichten, over financiële stabiliteit en over overheidsfinanciën. De beleidsaanbevelingen zijn helder. Overheden en centrale banken moeten vooral doorgaan met waar ze mee bezig zijn, het stimuleren van de economie, zelfs nadat het herstel is begonnen.

Getuige de ontwikkeling op de aandelenmarkten in de laatste maanden hebben beleggers er alle vertrouwen in dat het IMF haar zin krijgt. Er komt een keer economisch herstel, dat zich zal vertalen in stevige winstgroei, de rente blijft nog lang laag en overheden gaan niet snel bezuinigen. Het is misschien niet zo gek dat aandelenkoersen stijgen. 

Maar nu wordt het het IMF toch wel te gortig en zij vreest dat beleidsmakers slachtoffer van hun eigen succes worden. Zelfs bedrijven die slechts verliezen maken stijgen in koers, merkt het Fonds op. Al dat enthousiast vooruitlopen op gunstige ontwikkelingen drijft aandelenkoersen naar niveaus vanwaar een stevige correctie steeds waarschijnlijker wordt. Die kan dan juist weer bredere financiële instabiliteit veroorzaken. De vergelijking met de IT-bubbel van rond de eeuwwisseling dringt zich op. 

Bubbels beginnen rationeel

Die IT-bubbel was wellicht minder irrationeel dan vaak wordt gedacht, tenminste in eerste aanleg. De technische ontwikkelingen, de ‘nieuwe economie’, leidden destijds tot een tamelijk plotselinge verhoging van de economische groeiverwachtingen op middellange termijn. Op de aandelenmarkt wordt een hogere toekomstige groei direct verdisconteerd. Een stijging van aandelenkoersen is dan volledig logisch.

In die stijging zien beleggers vervolgens een bevestiging en daarop duwen ze de aandelenkoersen verder omhoog. Niemand weet tot welk niveau die stijging echt gerechtvaardigd is. Dat de boel vervolgens uit de hand loopt en uiteindelijk in elkaar zakt, is, naar ik vrees, onvermijdelijk.

De geschiedenis staat bol van financiële crises. Natuurlijk hebben we die liever niet. Maar het IMF zit in een spagaat door enerzijds een cheer leader te zijn van overheden en centrale banken om stevig te blijven stimuleren en anderzijds zich grote zorgen te maken over de bijwerkingen van dergelijk beleid. Met concrete suggesties wat te doen tegen mogelijk overgewaardeerde aandelenmarkten komt het IMF niet.

Wanneer aandelenkoersen oplopen, zijn er altijd mensen te vinden die menen dat het een bubbel is. Een bubbel heeft een negatieve bijklank. Bubbels knappen uiteindelijk altijd en richten dan schade aan. Het probleem is dat niemand met zekerheid kan zeggen wanneer een koersstijging een doorgeschoten bubbel is en wanneer die dan knapt.

Ik hou van bubbels

Ik wil het graag eens opnemen voor bubbels. In mijn optiek is de vorming van een bubbel in eerste instantie bijna altijd rationeel. Tijdens de groei geven bubbels het economisch systeem extra dynamiek. Er gebeurt wat, er is enthousiasme. Veelbelovende bedrijven kunnen financiering aantrekken. Bubbels, vermeend of feitelijk, kunnen zo een rol spelen bij de financiering van innovatie. 

Pleit ik er dan voor dat beleidsmakers bubbels moeten opblazen? Nee, natuurlijk niet. Wat je zeker niet wilt, is dat er overal in het financiële systeem bubbels zijn, maar van een paar bubbels moeten we niet wakker liggen. Evenmin wil je dat bubbels erg groot worden en al helemaal niet dat ze met een aanzienlijke financiële hefboom zijn gebouwd. Als er veel, grote, op schuld gebouwde bubbels zijn, komt een keer een oorverdovende knal.

De beurswaarde van Tesla is bijna tien keer die van Volkswagen, terwijl het Duitse bedrijf bijna 20 keer zoveel auto’s produceert als Tesla en behoorlijk op stoom begint te komen wat betreft de productie van elektrische modellen. Je kunt van Tesla een mooi verhaal maken, maar het lijkt mij een bubbel. Dat kun je van Shell op 15,32 euro en ING op 7,38 euro dan weer niet zeggen.

Han de Jong is voormalig hoofdeconoom van ABN Amro. Hij schrijft wekelijks voor Fondsnieuws over economie en markten. Meer informatie over zijn visie kunt u lezen op Crystal Clear Economics.