Heer, maak mij kuis, maar nu nog niet


Het gebed ‘Heer, maak mij kuis, maar nu nog niet’, wordt toegeschreven aan Sint Augustinus, die leefde van 354-430 na Christus. Wie zo bidt, hint op een zondig bestaan. Toch werd Augustinus heilig verklaard, al ging de Kerk daarbij niet over één nacht ijs en vond zijn heiligverklaring pas bijna 1000 jaar later plaats.

Ik moest eraan denken toen ik in het coalitieakkoord las: “Daarbij koersen we op een begrotingstekort dat zo snel als mogelijk teruggaat naar een dalend pad. …en we streven vervolgens naar een dalende schuld” (p. 43). Een snelle blik op de bijgevoegde cijfers leert echter dat het beoogde dalende pad van het begrotingstekort in deze regeerperiode niet zal worden ingezet.

De overheidsschuld zal de hele regeerperiode oplopen, zij het in bescheiden mate. Waar Augustinus tenminste nog bad voor zijn eigen kuisheid, bidden de coalitiepartners voor de kuisheid van een volgende regering. Dat is natuurlijk ook nobel, maar of je zo een heiligverklaring kunt verdienen…?

Deze houding ten aanzien van de overheidsfinanciën is een radicale trendbreuk met het recente verleden. Toen precies dezelfde partijen vier jaar geleden een regeerakkoord sloten, werd er nog gemikt op een begrotingsoverschot van 0,5 procent BBP in 2021, terwijl nu een tekort van tussen de 2 en 2,5 procent BBP tijdens de hele regeerperiode het uitgangspunt is. Wat is er in hemelsnaam binnen deze partijen veranderd? Of is het gewoon de tijdgeest?

Kloppen die cijfers wel?

Het CPB heeft het coalitieakkoord nog niet doorgerekend. Op voorhand verbaas ik me erover dat het begrotingstekort niet nog groter is dan in de documenten wordt vermeld, gegeven de forse sommen geld die de coalitie wil uitgeven en de lastenverlichting die is voorzien. Wat gebeurt er als het CPB de gepresenteerde cijfers ondeugdelijk acht?

Ik begrijp heel goed dat andere Europese landen een minder strikt begrotingsbeleid voeren dan wij en dat er dus een gevoel kan bestaan van ‘waarom zouden wij onszelf een discipline opleggen die anderen niet kennen; daarmee doen we onszelf toch tekort?’ Graag wijs ik erop dat landen met zwakkere overheidsfinanciën echt geen betere gezondheidszorg, onderwijs, openbaar vervoer of sociale voorzieningen hebben. Het is een vergissing te denken dat we het land beter maken door met geld te smijten. Eerder duidt deze spilzucht op een brevet van onvermogen.

De gemiddelde koopkracht stijgt over de hele regeerperiode slechts met 1,9 procent, ondanks het voorgenomen ruimhartige begrotingsbeleid. Ik ben benieuwd hoe dat gaat vallen, helemaal als de inflatie tegen zou vallen en de koopkrachtwinst nog minder wordt.

Bij VNO-NCW is ook opmerkelijk veel veranderd

Bij monde van VNO-NCW voorzitter Ingrid Thijssen zijn de werkgevers blij met het akkoord. Heel veel van de extra uitgaven worden ingezet om bedrijven te helpen bij verduurzaming. Daarbij gaat het de coalitie natuurlijk niet primair om die bedrijven. In het regeerakkoord 2017 stond dat de vennootschapsbelasting in stappen zou worden verlaagd van 25 naar 21 procent. Dat is niet gebeurd. Sterker nog, in 2022 wordt de vpb verhoogd naar 25,8 procent.

Maar Thijssen is al blij dat “het kabinet niet nogmaals een greep doet in de kas van de werkgevers”. Een kinderhand is kennelijk gauw gevuld. Overigens komt het woord vennootschapsbelasting (of vpb) precies nul keer voor in het coalitieakkoord tegen 16 keer in het regeerakkoord 2017. Mocht blijken dat de financiële onderbouwing van de plannen tekortschiet, dan zal zo’n greep in de kas snel angstig dichtbij komen. Maar dat terzijde.

Eén ding is volstrekt duidelijk: de ‘duurzamen’ en ‘klimaatalarmisten’ zijn de winnaars. Nu ben ik echt niet tegen ‘duurzaam’. Ook ik wil dat mijn kinderen, kleinkinderen, hun generatiegenoten en de generaties daarna een goed leven kunnen hebben. Tegelijkertijd verbaast het me dat er niet meer discussie is over de ernst van de opwarming en de uitstoot van stikstof en of de situatie de zeer grote uitgaven rechtvaardigt. Maar wellicht streeft het aanstaande kabinet gewoon naar heiligverklaring, ook al moeten ze er 1000 jaar op wachten. Dat mag kennelijk wat kosten. 

Han de Jong is voormalig hoofdeconoom van ABN Amro. Hij schrijft wekelijks voor Fondsnieuws over (de gevolgen van het coronavirus voor) economie en markten. Meer informatie over zijn visie kunt u lezen op Crystal Clear Economics.