Radicale therapie


In mijn column van twee weken geleden heb ik beloofd dat ik met ideeën zou komen om de economie weer enigszins geordend te normaliseren. Dat is nogal wat, in een column, maar beloofd is beloofd. Drie opties om de economie weer op de been te helpen.

Laat ik beginnen met twee belangrijke constateringen: geen enkele oplossing is pijnloos, maar we zullen in actie moeten komen, want de weg waar we nu op zitten loopt onherroepelijk dood. We kunnen niet blijven vasthouden aan ons huidige concept van groei, maar zullen moeten nadenken over wat voor een economie we willen hebben. Het gaat nu eerst om normaliseren en vervolgens weer om vooruitgang, maar vooral om houdbaarheid.

No pain, no gain

Alvorens de economie weer genormaliseerd is en toekomstbestendig gemaakt, zal er toch echt eerst pijn geleden moeten worden. En dat is natuurlijk de reden waarom het zo verrekte moeilijk is ons economische systeem te veranderen. De korte-termijnverliezen zijn simpelweg te groot en de lange-termijnwinst te abstract , vooral voor degenen die het voor het zeggen hebben: de mensen en landen waar de vermogens hoog zijn. En dat is niet alleen de ‘1 procent’ in de VS, nee, in een land als Nederland geldt dat ook voor huiseigenaren en mensen die pensioenrechten hebben opgebouwd. Wij bijna allemaal.

Er zullen dus altijd mensen verliezen. Laten we het daarom dan ook niet over een ‘zachte landing’ hebben, maar over het weer op de been helpen van onze economie. Hoe kan het monetair beleid weer worden genormaliseerd en vooruitgang worden gerealiseerd waar eenieder van profiteert?  En hoe doen we dat op zo’n manier dat de grote uitdagingen van onze tijd, met als eerste klimaatverandering, worden aangepakt? Dat kan alleen met radicale therapie.

Mogelijke, niet-makkelijke oplossingen

De oplossingen voor het op de been helpen van de economie zijn economisch al lastig, politiek gezien liggen ze nog ingewikkelder. Welke beleidsmaker wil immers een korte-termijnverlies voor de rijksten op zijn geweten hebben? Paul Volcker, voorzitter van de Fed begin jaren tachtig, was de laatste die dat durfde door de rente aan het begin van dat decennium te verhogen.

Wat mij betreft hebben we een paar opties die vaak in combinatie moeten worden genomen maar allemaal doen ze pijn.

Optie 1: Monetaire schoktherapie; verkrappen in plaats van verder verruimen. De rente mag niet verder omlaag, maar moet in een klap flink omhoog. Kan dat? Ja, nog net. Is de timing goed? Nee, er is veel te lang gewacht en de conjunctuurcyclus loopt mondiaal op haar eind. Zijn de gevolgen gewenst? Deels wel, want schuldposities worden onhoudbaar en moeten worden afgebouwd. Maar deels ook niet: de hogere rente remt de economische activiteit, leidt tot faillissementen, schulden kunnen niet worden voldaan en vermogenstitels kunnen scherp in waarde dalen. Alleen de rente verhogen leidt dan ook niet tot een beter werkende economie, maar kan in het ergste geval alles stil doen vallen.

Optie 2: Budgettaire schoktherapie; De overheid treedt in het strijdperk om de economie aan te jagen. Tegen de achtergrond van de lage rente is het maatschappelijk gezien heel aantrekkelijk veel te investeren in publieke goederen. En dat kan de economie weer normaliseren. Want een van de redenen van de lage rente is een mondiaal gebrek aan investeringsvraag. Overheidsinvesteringen in bijvoorbeeld een duurzame ombouw van de economie of grote investeringen in kennis en onderwijs hebben een groot maatschappelijk rendement en leiden tot innovatie.

Dit zal echter op een veel grotere schaal moeten gebeuren dan waar momenteel over wordt gesproken. Anders krijgen we namelijk het Japan-effect, waarbij de groei telkens even aantrekt en dan weer terugvalt, terwijl de overheidsschuld steeds groter wordt zonder dat er zicht is op structurele verbetering. Alleen een overtuigend, groot mondiaal, of in ieder geval Europees plan kan dit verhelpen.

Bestaande begrotingsregels en schuldposities zitten deze optie echter behoorlijk in de weg en dienen daarvoor in Europa op verstandige manier aan de kant te worden geschoven. En met verstandig bedoel ik dat uitgaven niet voor korte termijn consumptie gebruikt worden, maar juist voor die investeringen met een lange termijn horizon.

Optie 3: Schuldschoktherapie. Een ‘debt jubilee’ of schuldkwijtschelding is een zeer oud idee. Duizenden jaren geleden scholden de Mesopotamiërs om de zoveel tijd (huishoud-)schulden kwijt. Ook in een minder ver verleden, na de Tweede Wereldoorlog, scholden de VS de schulden van hun Europese bondgenoten kwijt. Achterliggend idee is dat als iedereen altijd aan schuldverplichtingen wordt gehouden, dit het economische proces kan verlammen. Dat geldt zeker daar waar schulden niet productief zijn aangewend; het kan zeer lang duren voordat die zijn terugbetaald.

Het economische voordeel van het kwijtschelden van schulden moge duidelijk zijn: overheden en bedrijven kunnen weer meer investeren en innoveren en het monetaire beleid kan weer worden genormaliseerd. Het instellen van een debt jubilee is echter vooral een politiek lastige keuze, ook omdat er allerlei juridische haken en ogen aan zitten. En daar komt bij dat de schuld van de één natuurlijk het vermogen van de ander blijft.

Optie 4: Gratis geld. Dit kan ook als een soort van schuldschoktherapie worden gezien. Monetaire financiering, helikoptergeld, heeft als voordeel dat schulden kunnen worden afgelost zonder dat er iets hoeft te worden kwijtgescholden. Dit kan de economie een nieuwe kickstart geven. Door de exacte vormgeving van de verruiming kan er aan herverdeling worden gedaan en eventueel kunnen ook bepaalde projecten, bijvoorbeeld op het gebied van duurzaamheid, worden gefinancierd.

Gerichte monetaire verruiming werkt een stuk beter dan het ongerichte liquiditeitskanon dat nu telkens wordt afgevuurd. Ongewenste bijeffecten zijn er natuurlijk ook, zoals een uit de hand lopende inflatie. Maar voorlopig is dat nog lang niet in zicht en als dat gebeurt hebben centrale banken nog altijd de mogelijkheid de gebruikelijke monetaire instrumenten uit de conventionele gereedschapskist te gebruiken.

Een op het oog aardig keuzemenu. Maar het is duidelijk dat alle vier de opties vooralsnog voor de meeste beleidsmakers helemaal geen optie zijn. Uiteindelijk zullen ze er toch niet aan ontkomen. We moeten keuzes maken, want de economie kan niet oneindig op zijn kop blijven staan.

Deze column is een vervolg op: De economie op zijn kop

Hans Stegeman is econoom en werkt bij Triodos Investment Management.