Tafeltje dek je, beleggertje red je


Een gedekte tafel met wijn- en etensvlekken in het tafelkleed. Het diner was copieus. Niemand gaat nog van tafel. Een volle maag en de drank maken loom. Zo lang mogelijk zitten, want buiten is het koud en komt al snel de ontnuchtering.

Wat men zich echter niet realiseert, is de gammele staat waarin de tafel zich bevindt. Pas als wordt afgeruimd, blijkt de tafel volledig rot te zijn. De poten staan op doorbuigen, de vele scheuren en barsten tonen het naderende gevaar. Door te blijven zitten, ondersteunen de aanwezigen het tafelblad met hun knieën.

Dit is precies het beeld na tien jaar stijgende koersen. Het diner is opgesoupeerd, borden en glazen zijn leeg. Hoog tijd om van tafel te gaan voor de afwas.

Contemplatie

Laat ik er geen doekje om winden: zo nu en dan worstel ik met mijn columnplekje op deze site. Dan lees ik de brave tekstjes over ‘lower for longer’, asset allocatie-aanbevelingen, verwachte rendementen, mensen die van baan wisselen en meer van dat soort dagelijks geneuzel. Het soort contemplatie van een sector die rustig voortkabbelt op de tot dusver aanhoudende golven van stijgende rendementen. Geen spoor van ongerustheid, laat staan paniek, maar eerder een tevreden zelfvoldaanheid. En de verschillende voorspellingen lezend, wordt het er ook zeker niet spannender op: minder hoge rendementen dan dit jaar, nog steeds neerwaartse risico’s, ruim beleid van centrale banken en we zijn ongeveer aan het einde van de cyclus. Maar niks om je bovenmatig zorgen om te maken.

En dan denk ik: DAAR GAAT HET NIET OM. Zien we dan niet dat we alleen maar keihard bezig zijn om het leven van dit onduurzame en onhoudbare systeem kunstmatig te verlengen?

Hoezo, gescheiden werelden…?!

Omdat ik weet dat veel mensen nog steeds het onterechte idee hebben dat duurzaamheid en financiële sector gescheiden werelden zijn, sluit ik zo af met een aantal puur financieel-economische observaties waarop ook alle outlooks voor het komende jaar zijn gebaseerd. Opmerkelijk is echter dat het  onderliggende gevoel van die financiële observaties in het leeuwendeel van die vooruitzichten onbesproken blijft. Terugkijken naar de voorspellingen van vorig jaar gebeurt al helemaal niet. Logisch, want iedereen had vorig jaar vanzelfsprekend de monetaire draai van verre zien aankomen en had het dus voor de zoveelste keer bij het rechte eind.

Niet dus!

Maar de realiteit van de verrotte tafel onder ogen komen, betekent opstaan, de feestdis afruimen en starten met een grondige afwas. En wie wil daar nou mee beginnen?

Nog één keer dan…

Ik zal nog eenmaal uitspellen waarom de meeste financiële waarden niet gedreven worden door onderliggende reële waarden, maar door gigantische onevenwichtigheden in de economie en het financiële systeem.

Ten eerste: de ridicuul lage rente die heeft geleid tot een enorme verstoring van risicoperceptie. Vooral door de ongekende interventies van centrale banken ontbreekt ieder gevoel voor risico in de meeste markten. Overheden hebben geen enkele reden om de begroting op orde te houden, niet-rendabele bedrijven blijven bestaan en beleggers dulden steeds meer risico in ruil voor een beetje rendement.

Ten tweede, niet geheel los van het eerste punt: aandeleninkoop. Doordat bedrijven massaal eigen aandelen terugkopen, zijn beurskoersen grotendeels losgekoppeld van de onderliggende bedrijfswaarde. Hiermee is onverantwoord veel lucht in de financiële markten geblazen.

Als derde: belastingverlaging. Vooral in de Verenigde Staten heeft de belastingverlaging voor bedrijven ervoor gezorgd dat aandelenprijzen verder werden opgestuwd. De andere kant van deze medaille, minder ruimte voor collectieve uitgaven in bijvoorbeeld onderwijs, zorg en infrastructuur, wordt gezien als een probleem van de overheid en zeker niet van beleggers.

Als vierde: monopoliewinsten. In veel sectoren, vooral in tech en farma, zijn de beurskoersen stevig toegenomen en hebben veel grote bedrijven monopolie- of oligopolieposities weten te creëren. Dat voedt beurskoersen, maar heeft weinig te maken met productiviteitswinsten of waardecreatie door de betreffende bedrijven.

En tenslotte als vijfde en als logisch gevolg uit de voorgaande punten te destilleren: de gigantische oogkleppen van beleggers. Die laten het uiteindelijk allemaal gebeuren, gericht op kortetermijn aandeelhouderswaarde. En natuurlijk, bij het ontbreken van alternatieven is dat misschien nog te begrijpen ook. Want wie wil er nu als eerste het feestje verlaten?

Best hoor, laten we dan lekker aan tafel blijven zitten en vooral niet onder het tafelkleed kijken. Zolang we rustig uitbuiken, valt niemand ons lastig.

Totdat de andere poten ook doorzakken.

Hans Stegeman is econoom en werkt bij Triodos Investment Management.