Fragile five


Dat 2018 zo’n bewogen jaar voor opkomende markten zou worden hadden maar weinig mensen voorspeld.

Dat landen als Turkije en Argentinië kwetsbaar waren door hun grote behoefte aan buitenlands kapitaal, was evident. En dat Zuid-Afrika, Indonesië en Brazilië door naderende verkiezingen onder een vergrootglas zouden komen te liggen, was ook nog wel voorzien. Maar dat zowel opkomende aandelen- als obligatiemarkten als geheel stevig zouden achterblijven, kan op zijn minst opmerkelijk genoemd worden.

De belangrijke Chinese economie blijft tenslotte goed groeien en is inmiddels minder kwetsbaar geworden doordat de autoriteiten de excessieve kredietgroei aan banden hebben gelegd. En als we kijken naar de totale buitenlandse kapitaalbehoefte van de opkomende wereld, is die een stuk lager dan een aantal jaren geleden.

Handelspolitiek van Trump

De belangrijkste verklaring voor de grote druk op opkomende markten dit jaar ligt vooral in de assertieve handelspolitiek van de regering Trump. Het is de zorg over de impact daarvan op de lange-termijngroeivooruitzichten voor China en andere open economieën die het vertrouwen onder beleggers heeft geschaad. Maar belangrijker nog is het indirecte effect van het Amerikaanse protectionisme dat via een sterkere dollar de fundamenteel zwakkere landen heeft geraakt.

En hier komen we bij een van de belangrijkste thema’s van 2018: de grote divergentie tussen opkomende markten onderling. Het verschil in performance tussen de vijf kwetsbaarste landen (Turkije, Argentinië, Indonesië, Zuid-Afrika en Brazilië) enerzijds en de rest van de opkomende markten anderzijds is met bijna 30 procentpunten ongekend groot geweest dit jaar.

Landenallocatie cruciaal

Als we constateren dat emerging markets zonder de vijf zwakste landen in lijn hebben gepresteerd met Europese aandelenmarkten, dan zeggen we impliciet dat de divergentie binnen emerging markets belangrijker is geweest dan de matige performance van EM als geheel. Dit betekent dat landenallocatie in EM in potentie meer waarde heeft gehad dit jaar dan de top-down beleggingsbeslissing wat te doen met emerging markets.

Een van de belangrijkste redenen waarom het ook in het komende jaar waarschijnlijk cruciaal zal zijn te differentiëren tussen de verschillende opkomende markten, is de drukke politieke agenda in EM. In verschillende landen staat de richting van economisch beleid ter discussie. Politiek risico is dan ook een relevante factor geweest die veel van de recente marktonrust in Turkije, Argentinië, Indonesië, Zuid-Afrika en Brazilië verklaart. Na 2018, met belangrijke verkiezingen in Maleisië, Turkije, Mexico en Brazilië, zal 2019 ook in het teken staan van politiek risico.

Volgend jaar gaan er in ieder geval vijf landen naar de stembus: Indonesië, India, Zuid-Afrika, Argentinië en Polen. In de aanloop van deze verkiezingen kan toenemende onzekerheid voor veel onrust zorgen. Er is kans op meer populisme of een verslechtering van het investeringsklimaat.

Maar het risico kan ook aan de andere kant liggen: dat een uitslag uiteindelijk meevalt of dat een negatieve lange-termijntrend positief draait. In ieder geval liggen rond deze verkiezingen kansen voor beleggers die bereid zijn in te zoomen op landenniveau en willen profiteren van het thema van divergentie binnen opkomende markten.

Maarten-Jan Bakkum is senior Senior Strategist, Emerging Markets bij NN Investment Partners.