De duurzaamheidsbubbel


ESG-scores die de illusie weerspiegelen van meetbaarheid en de overvloed aan standaarden maken het er niet overzichtelijker op voor pensioenfondsen, die verantwoord rendement willen halen. Echte betrokkenheid Is bovendien lastig door de draai naar passief en het uitbesteden van het vermogensbeheer.

De wakkerste krant van Nederland plaatste recent de kop ‘Duurzaamheid is maar een mening’ boven een column van mijn hand. Koppenmakers hebben bijzondere rechten, maar volgens een boze lezer sloeg deze koppenmaker die plan volledig mis. Hij had een punt. Maar ik vind dat columns ook ietwat moeten schuren. Als columnist voor FN Institutioneel op deze plek voor dit jaar weet u dus waar u aan toe bent. Te beginnen met de duurzaamheidsbubbel. 

Mijn belangrijkste punt is dat onze industrie te gemakzuchtig is geworden. Soms lijkt het wel of we meer bezig zijn met dingen goed te doen dan ons af te vragen of we de goede dingen doen. Gaan uw nekharen al overeind staan? Hij heeft het toch niet over ons Environmental, Social & Governance-beleid? Nee hoor. Maar leest u vooral even door. Wellicht dat het nog gaat schuren.  

Iedere belegger wil vandaag de dag graag ESG-proof zijn. Klanten vragen er om, bedrijven zetten hun beste beentje voor en toezichthouders maken regels. Maar ja. Als pensioenfonds had u vroeger nog iets te zeggen. U beheerde de portefeuille zelf. U kon gewoon met uw voeten stemmen. En als het bedrijfsbeleid u niet aanstond dan verkocht u uw aandelen. Institutionele beleggers drukten zo een stempel en toonden betrokkenheid.

De afgelopen jaren is veel vermogensbeheer extern gegaan of wordt passief ingevuld. Pensioenfondsen willen echter nog steeds niet ongemerkt beleggen in clusterbommen, kinderhandel en corruptie. Daarvoor heeft de industrie wel een oplossing. Standaarden. Maar door alle duurzame standaarden ziet u door de bomen het groene bos niet meer.  

Op dit punt begin ik ook sceptisch te worden. Ik begrijp dat pensioengerechtigden van hun fondsen eisen dat ze een verantwoord rendement maken. En van bedrijven begrijp ik ook dat ze op zoek zijn naar een duurzaam verdienmodel. Maar ik zie ook veel greenwashing. Met zijn allen naar Davos gaan en laten zien hoe goed we bezig zijn… En snel weer over tot de orde van de dag. Of beleggingshuizen, die ik nog nooit heb kunnen betrappen iets met de goedheid van de mens voor te hebben komen ineens met verantwoorde en duurzame beleggingsoplossingen. Er valt vast geld te verdienen.  

Terug naar de ESG-ratings. Die zijn toch best handig? U heeft een score en weet direct of uw fonds goed bezig is. Nou, dat valt tegen. Een voorbeeld. De Dow Jones Sustainability Index volgt de performance van ondernemingen met een goed ESG-beleid. Deze index bevat energiebedrijven, maar ook producenten in de defensie-industrie. Een lastig verhaal. Nog een voorbeeld. Probeer eens een grafiek te maken van de ESG-scores van bedrijven van twee verschillende ESG-dataproviders. Je verwacht een relatie. Geen perfect rechte lijn, maar toch een relatie. Maar nee hoor. Het is een wolk aan punten. ESG-ratings zijn niets meer of minder dan een mening.

ESG-ratings weerspiegelen de illusie van meetbaarheid. De beslissing over waarin u in belegt en op basis van welke criteria is niet vatten in een simpele index. Zeker niet als het over softe criteria gaat. U zult zelf uw huiswerk moeten doen. Beleggen is meer dan vinkjes zetten. Gelukkig maar. Met uitbesteden of een passieve oplossing ontkomt u niet aan uw fiduciaire plicht. Wellicht is dit een goed moment om dat nog eens te heroverwegen. Echte betrokkenheid!

Roelof Salomons is hoogleraar Beleggingstheorie en Vermogensbeheer aan de Rijksuniversiteit Groningen en adviseur van pensioenfondsen en family offices. Deze column schreef hij voor de jongste editie van Fondsnieuws Institutioneel - maart 2020.