Beleggen: wat u waard bent


Wat is uw grootste kapitaal? 'Mijn huis', zult u waarschijnlijk antwoorden. Logisch, want slechts 5 procent van de Nederlanders bezit meer vermogen buiten de eigen woning dan erin. Toch beschikt u over iets wat méér waard is, maar waar u niet zo gauw aan denkt. Dat is uw vermogen om inkomen te genereren.

Erfenissen en loterijprijzen buiten beschouwing gelaten wordt het vermogen van de meeste mensen gevormd door wat ze zélf verdienen uit arbeid of onderneming, zoals de fiscus dat zo mooi noemt. Voor het geheel van talent, opleiding en ervaring gebruiken human resources managers graag de term 'menselijk kapitaal'. Dat kapitaal investeert u als het ware in uw carrière. Het is interessant om die parallel met beleggen nog verder door te trekken.

Beleggingsanalyse
Wat bent u waard? Daarvoor moeten we naar uw 'verdiencapaciteit' kijken. Die blijkt voor een belangrijk deel bepaald te worden door uw opleidingsniveau. Dat kunt u mooi zien in de tabel hieronder. Daarin ziet u per opleiding wat iemand van 25 met een resterende levensverwachting van 55 jaar met zijn of haar menselijk kapitaal aan cashflow kan genereren.

U ziet: uw ouders hadden gelijk, toen ze erop hamerden dat u uw best moest doen op school. Heeft u zelf kinderen, dan kunt u geen grotere bijdrage leveren aan hun verdiencapaciteit dan hen te stimuleren door te studeren. Bekeken als investeringsobject hebben mensen met de hoogste opleiding het grootste winstpotentieel.

Risicobepaling
Om de beleggingsanalyse van de verdienende mens compleet te maken moeten we niet alleen naar het rendement kijken, maar ook naar het risico. Het risico bij inkomen kunt u op dezelfde manier meten als op de financiële markten, namelijk door te kijken naar de fluctuaties in het inkomen. Ik heb er geen onderzoeksresultaten over gevonden, maar het ligt voor de hand om te veronderstellen dat de gemiddelde ambtenaar minder verrassingen in zijn jaaropgaven aan de fiscus zal tegenkomen dan bijvoorbeeld de gemiddelde ondernemer of vrije beroeper.

Beleggingsstrategie

Welke beleggingsstrategie is nu de juiste voor respectievelijk onze ambtenaar en onze ondernemer? Veel beleggingsadviseurs zullen geneigd zijn het risicoprofiel van de beroepskeuze door te trekken naar de samenstelling van de beleggingsportefeuille. Dus veel obligaties en spaardeposito's voor de ambtenaar en relatief veel aandelen voor de ondernemer. Klinkt logisch. Maar dat is het niet.

Henriette Prast, hoogleraar Persoonlijke financiële planning aan de Universiteit van Tilburg, kijkt er heel anders tegenaan. De ondernemer belegt zijn menselijk kapitaal al heel risicovol. Op 1 januari van elk jaar moet hij maar weer afwachten wat het nieuwe jaar hem of haar brengen zal. Dan is het verstandiger om met het uit onderneming opgebouwde financiële vermogen juist minder risico te nemen.

Zo bezien doet een ondernemer er uit een oogpunt van risicospreiding beter aan om het risico in de portefeuille laag te houden. Zeker als u bedenkt dat er over het algemeen een hoge correlatie bestaat tussen ondernemingswinsten en de aandelenmarkten.

Offensieve ambtenaar

Omgekeerd belegt de ambtenaar inkomenstechnisch bezien al defensief. De kans dat zijn inkomen daalt in een periode van laagconjunctuur is voor hem veel kleiner dan voor de ondernemer. Ook is er nauwelijks een relatie tussen het inkomen en de ontwikkelingen op de aandelenmarkten. Logisch gezien zou dit pleiten voor een meer offensief belegde portefeuille.

Anders gezegd: juist de lage volatiliteit in de inkomsten rechtvaardigt een hoger risico bij de belegging ervan. Natuurlijk wordt iemands beleggingsstrategie niet alleen door dit soort overwegingen bepaald. Persoonlijke wensen, emoties en de actuele financiële positie spelen uiteindelijk een grotere rol. Maar het kan zeker slim zijn om bij uw beleggingsplannen het 'beleggingsrisico' dat u loopt met uw menselijk kapitaal mee te wegen

Toon Roodbergen is directeur Vermogensbeheer van Zwitserleven en initiatiefnemer van de beleggingssite www.nest.nl