Volg het advies van de beleggingsanalist!


Beleggingsanalisten analyseren de financiële markten en geven op basis daarvan adviezen. Hoe goed zijn die adviezen eigenlijk? Daar zijn de afgelopen jaren de nodige onderzoeken naar geweest. De uitkomsten zijn onthutsend. Door de bank genomen blijken de adviezen van analisten weinig of geen toegevoegde waarde te hebben. Sterker nog: maar al te vaak kost het volgen van analisten u zelfs geld!


Slechter dan de index

In hun studie The Performance of Investment Newsletters onderzochten J.F. Jaffe (Universiteit van Pennsylvania) en J.M. Mahoney (Federal Reserve Bank of New York) de kwaliteit van de beleggingsadviezen in nieuwsbrieven gepubliceerd door analisten. Hun belangrijkste conclusie: wie zich bij zijn beleggingskeuzes laat leiden door deze adviezen heeft geen kans om een passieve maatstaf (de index) verslaan. In Nederland volgden R. Laeven en B. Jacobsen van 1994 tot 2001 de aanbevelingen die analisten deden in het tv-programma Nova. Wie ernaar zou hebben gehandeld zou het zeker niet consistent beter hebben gedaan dan de AEX in deze periode.

Aanbevelingen
Nog een leuk onderzoek was dat van E.Y. Heydenrijk en A. Plantinga uit 2001. Zij namen de adviezen onder de loep die wekelijks verschenen in het beleggersblad Beursplein 5 (opgeheven in 2003). De analisten waren allemaal verbonden aan gerenommeerde banken en werkten met een classificatie van zes aanbevelingen: Strong sell, Sell, Hold, Buy, Strong buy en No recommendation. In de tabel ziet u per analist/bank hoe vaak bepaalde aanbevelingen werden afgegeven.

Voorspellende waarde rond de nul
In de tabel vallen verschillende dingen op. Het advies Sell werd nauwelijks gegeven, het advies Strong sell nog minder. Nog een puntje: per onderneming werden er jaarlijks niet meer dan gemiddeld twee of drie aanbevelingen gedaan. Dat komt neer op een gemiddelde levensduur per aanbeveling van 4 tot 6 maanden! Maar nu het belangrijkste. Elk beleggingsadvies of aanbeveling staat natuurlijk gelijk aan een voorspelling over de toekomstige performance van een fonds of onderneming. We zagen al dat analisten gemiddeld niet in staat zijn om aandelenrendementen nauwkeurig te voorspellen. Maar dat sluit de mogelijkheid niet uit dat er individuele analisten zijn die het wél kunnen. Zitten er zulke uitblinkers in het groepje dat Heydenrijk en Plantinga onderzochten? Om dat te achterhalen berekenden zij voor elke adviserende bank de covariantie. Deze geeft namelijk een goed beeld van het verband tussen de beleggingsadviezen en de outperformance ten opzichte van een gemiddeld rendement in een bepaalde periode. Een positieve covariantie duidt op voorspellende waarde van de gegeven adviezen. Een negatieve covariantie betekent dat de adviezen geen voorspellende waarde hadden - of zelfs dat je als belegger beter precies het tegenovergestelde had kunnen doen! De uitkomsten ziet u hieronder.

Het eindoordeel van beide onderzoekers: de covariantie was te laag om de gegeven beleggingsadviezen enige toegevoegde waarde toe te kennen!

En anno 2008?

De hierboven aangehaalde onderzoeken zijn al weer wat ouder. Zou het inmiddels beter zijn gesteld met de voorspellende waarde (en dus de kwaliteit) van het beleggingsadvies? Helaas... In het Financieel Dagblad van 10 juni j.l. stond een artikel over in 2008 verstrekte beleggingsadviezen. Daarin wordt verwezen naar een recent Amerikaans onderzoek van Bloomberg. Weer stemt de conclusie niet vrolijk. Beleggers die in de eerste vijf maanden van dit jaar de koop- en verkoopadviezen van de analisten zouden hebben gevolgd, zouden op 1 juni 2008 tegen een verlies van 17% aan hebben gekeken. Zouden ze gewoon de S&P 500 hebben gevolgd, dan zou hun verlies de helft minder zijn geweest! Onder de onderzochte adviezen zitten enkele spectaculaire missers. De aanbevelingen van Michael Mayo van Deutsche Bank zouden tot een waardedaling van liefst 59% hebben geleid. Hij gaf onder meer een koopadvies af voor Lehman Brothers! Met een verlies van 56% deed Prashant Bhatia van Citigroup het nauwelijks beter. Hij acht Lehman Brothers nog steeds koopwaardig. Ook analisten van wereldfaam zaten er naast. Meredith Whitney was een van de weinige analisten die voorzag dat Citigroup in zijn dividenduitkering zou moeten snijden. Toch zouden ook haar koopadviezen een waardedaling van 16% hebben opgeleverd. Waren er dan helemaal geen positieve uitschieters? Ja, eentje. Wie de adviezen van Charles Peabody van Portales Partners had gevolgd, had dit jaar al 47% kunnen verdienen op zijn beleggingen. Hij zette de Amerikaanse zakenbanken dan ook tijdig op 'verkopen'.

Maar welke beleggingsstrategie dan?
De vraag is natuurlijk of de enkele analist die het in een bepaalde periode wél goed ziet geniaal is, of gewoon geluk heeft. En dan nog: hoe herkent u tijdig zo'n analist? Eigenlijk is het selecteren van de juiste beleggingsanalist zo mogelijk nog riskanter dan het selecteren van de beleggingen zelf. Is er dan geen enkele beleggingsstrategie die -in ieder geval op termijn- meer uitzicht biedt op een beter rendement dan het gros van uw collega-beleggers? Ja, die is er. Deze strategie is gebaseerd op het tot een minimum beperken van de kosten en dus ook van de transactiefrequentie. Tenslotte is er maar één vorm van rendement dat telt, en dat is netto rendement. Ik heb het natuurlijk over indexfondsen, waar ook steeds meer pensioenfondsen en andere professionele beleggers in stappen. Niet zo vreemd, als u bedenkt dat dergelijke fondsen met het verstrijken van de tijd steeds hoger in de performancelijstjes staan. Blijft u toch liever zoeken naar analisten die claimen de markt te kunnen verslaan? Dan heb ik nog een leuke anekdote voor u. Burton Malkiel, auteur van de beleggersbijbel A Random Walk down Wallstreet, was jarenlang hoogleraar beleggingsleer aan de Princeton University. Aan elke nieuwe lichting studenten vroeg hij in zijn eerste college wie er verwachtte na het afronden van de studie beter te kunnen beleggen dan de index. Steevast stak meer dan de helft de vinger op. En even steevast gaf Malkiel deze groep het advies enkele zalen verderop college te gaan volgen. Bij de sectie Marketing.

Toon Roodbergen is directeur van Zwitserleven Vermogensbeheer en initiatiefnemer van de online beleggingssite www.nest.nl. In deze column geeft Roodbergen onder het motto 'common sense' zijn persoonlijke mening over het betreffende onderwerp.

 

De informatie in deze column is niet bedoeld als individueel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. De standpunten van Toon Roodbergen zijn die van hem alleen en niet die van Zwitserleven of Zwitserleven Vermogensbeheer. Vragen of reacties kunt u mailen naar t.roodbergen@zwitserleven.nl