De weg van de minste weerstand


Het was groot nieuws vorige week en voor velen reden tot een feestje: het besluit van ABP om volledig uit producenten van fossiele brandstoffen te stappen. Maar ik had er gemengde gevoelens bij.

Ja, enerzijds is het goed nieuws, want zo beleggen miljoenen Nederlanders niet meer ongewild in fossiele brandstoffen. En zo laat ABP zien dat het luistert naar de achterban (waarvan een meerderheid niet in fossiel wilde investeren). Verder is het financieel waarschijnlijk verstandig, want het verkleint zo het eigen klimaattransitierisico en de kans op stranded assets. Het is bovendien een stap vooruit ten opzichte van het huidige halfzachte beleid van spreiding zonder lef en engagement zonder bite.

Maar anderzijds is het ook een gemiste kans: in plaats van te verkopen, kan ABP ook zijn fossiele beleggingen concentreren in een klein aantal bedrijven. Die kan het dan intensief begeleiden in hun transitie naar operaties binnen planetaire grenzen. Met de huidige circa 15 miljard euro zou het tien posities van 1,5 miljard euro kunnen nemen. Die zijn ieder klein (0,2 procent) en gediversifieerd binnen ABP’s portefeuille. Maar dat ligt anders voor de betreffende ondernemingen: daar zijn die posities al snel meerdere procenten van hun marktkapitalisatie. Dan heb je veel invloed. TCI dwong ABN AMRO op de knieën met slechts 1 procent. Als ABP dit zou doen, dan nam het echt verantwoordelijkheid. Nu schuift het die af.

Aan het roer

Toegegeven, het is niet makkelijk om aan het roer van een enorme organisatie als ABP te staan (waar vrijwel iedere beslissing weerstand zal oproepen), maar juist dergelijke grote organisaties hebben de middelen om zo’n actieve rol te pakken. Door volledig uit te stappen wordt gehoor gegeven aan de behoeften van een meerderheid van de achterban. Daar valt iets voor te zeggen, maar het is wel de weg van de minste weerstand.

Ook kleine vermogensbeheerders bewandelen in hun duurzaamheidsbeleid de weg van de minste weerstand. Hard uitsluiten is makkelijk, maar wat is de toegevoegde waarde van een vermogensbeheerder daarin? Die zit veel meer in het versnellen van of inspelen op verandering. Dat versnellen is wellicht vooral iets voor de grote jongens, maar het inspelen op verandering kan een kleine partij ook - mits die daarvoor kiest. Je moet dan alleen wel nieuwe kennis opdoen en de gebaande paden verlaten. De weg van de MEESTE weerstand dus.

Verder speelt altijd op de achtergrond dat financieel rendement gewoon de hoogste prioriteit heeft. Daar is op zich niets mis mee, maar het probleem zit in de manier waarop. Ten eerste is men er niet open over. Al snel wordt er, afhankelijk van situatie en klant, de indruk gewekt dat natuurlijk wel/niet een beetje/veel rendement meer/minder wordt behaald, met meer/minder risico dankzij/ondanks het gevoerde duurzaamheidsbeleid. Tsja… Stop daarmee. Biedt gewoon verschillende producten aan met expliciet verschillende duurzaamheids- en impactverwachtingen en hun relatie tot verwachte rendementsrisicoverhoudingen. En ga daarover open en eerlijk het gesprek aan met de klant. Dat is niet altijd makkelijk (weerstand..), maar des te leerzamer en waardevoller.

Blind voor de risico's

Ten tweede wordt die prioriteit op financieel rendement vaak op een te nauwe manier ingevuld: dan blijkt het te gaan over verwacht rendement op korte termijn op basis van historische rendementsrisicoverhoudingen. Als je op die manier naar pakweg olieaandelen kijkt, dan ben je blind voor de risico’s die pas recent groot zijn geworden (zoals klimaatverandering) of dat nog gaan worden (zoals biodiversiteit). Dat is een dure fout, maar wel weer de weg van de minste weerstand. Want ja, de risico’s die buiten de modellen vallen, zijn nou eenmaal moeilijk te kwantificeren – anders zaten ze al wel in de modellen.

Toegevoegde waarde en innovatie worden zelden langs de gebaande paden bereikt. Juist daarbuiten liggen de beste kansen. Om die te pakken moet je weerstand bieden aan conformistische neigingen. Wrijving geeft glans. Kies voor de weg van de meeste weerstand. En maak van beleggen weer investeren.

Willem Schramade is oprichter en eigenaar van Sustainable Finance Factory. Hij is auteur van het boek 'Duurzaam kapitalisme' en verbonden als onderzoeker aan de Erasmus University.