De Kus (uit de serie romantische zomerverhalen)


Wie zou ‘m geven? Dat was de centrale vraag tijdens het laatste Europese topberaad. Eigenlijk stonden er maar 2 punten op de agenda: de immigrant en de intrigant. Over het eerste punt werd men het al snel eens: we doen gewoon of we een oplossing hebben, dan kunnen we dat punt even parkeren. Heerlijk. Gewoon een fopspeen, waaraan iedereen mag sabbelen.

Het tweede punt vroeg om een concrete oplossing. Hoe moest die intrigant tot zwijgen worden gebracht, al was het maar voor eventjes? Had de intrigant misschien een zachte kant?

Premier May, shaken was ze zeker, maar not stirred, bood de diensten van MI5 aan. Als die nu eens de ex-vrouwen van de intrigant en de paar honderd, die ie daarnaaat had versleten of had lastig gevallen, ging interviewen? Een geweldig plan, zo klonk het, al bleek May zelf geen geld meer in kas te hebben om het onderzoek te financieren. 

Gelukkig wist Angela nog wel een paar telefoonnummers uit haar hoofd en spoedig kwamen de grootste belanghebbenden bij een liefdevolle relatie met de intrigant, BMW, VW en Daimler, met een bak geld over de brug.

De conclusies van MI5 waren verrassend, maar toch ook weer doodsimpel. Onze intrigant had maar 1 echte gevoelige, zeg maar gerust erogene zone. Dat was het lichaamsdeel, waarmee hij iedereen aankeek en echt contact met je maakte. Precies, z’n nek! Daar moest de kus op landen en hij zou uit je handen eten!

Maar wie, o wie, moest die kus gaan geven? May had hem kort geleden even een handje gegeven en was daarna door hem de grond ingeboord. Merkel dan, die had toch het meest te verliezen? Meteen vroeg ze om een teiltje, zo erg was haar deze gedachte. Macron dan, die Fransen doen toch niet anders dan zoenen, bij elke ontmoeting? Pas de chance, riep Macron, ik voel totaal geen sjans meer met die vent. Gewoon keihard terugslaan met die tariefsverhogingen!

En toen gingen alle blikken onwillekeurig naar die arme Juncker: hij was immers altijd bereid geweest zijn eigen Luxemburg aan de minst biedende multinational te verkopen. Zonder moraal blijf je te allen tijde flexibel. Maar hij kan nauwelijks meer lopen, fluisterde iemand. Ach, zei Angela, via Siemens regel ik nog wel een elektrische rollator. En een onverkoopbare diesel, waarmee hij ook nog een tijdje voort kan.

Juncker was om... of had ie ‘m om? Dat kon je eigenlijk het beste aan Jeroen vragen. Het maakte ook niet uit. Met wat extra medicijnen zou ie de trip naar de VS nog wel kunnen maken. Natuurlijk waren die sojabonen allang besteld en niets bijzonders. Dat gas zoeken we later nog wel uit, liefst voordat we straks zelf aan het gas zitten.

Maar die kus, zachtjes snuffelend in de nek van de boze intrigant. Geweldig! Juncker, onze Casanova in bange tijden, die ons toch weer een sprankje hoop heeft gegeven... tot de volgende uitbarsting van de intrigant, natuurlijk. Maar we weten nu eindelijk wat ons te doen staat. 

Wouter Weijand is chief investment officer bij Providence Capital in Bussum.