Kempen: De ‘Social’ in ESG en vastgoedbeleggen


De ‘Social’ in ESG wordt vaak onderbelicht, maar zal alleen maar belangrijker worden…

Ook bij beleggen in vastgoedbedrijven komen factoren van Environment, Social en Governance terug. In dit artikel nemen we de S van Social onder de loep en analyseren we hoe stakeholder management binnen residentieel vastgoed steeds belangrijker wordt.

Van de traditionele vastgoedsectoren loopt de woningmarkt het meeste risico op overheidsinterventie door regulering. In een business-to-consumer-model (B2C) heeft de consument over het algemeen meer wettelijke bescherming nodig dan een bedrijf. Voor alle bedrijven, maar vooral voor bedrijven die actief zijn in het B2C-kanaal, zijn beoordelingen, klanttevredenheid en aanpassing aan de nieuwste trends belangrijker dan ooit tevoren. Ontevreden klanten hebben tegenwoordig meer mogelijkheden om hun onvrede te uiten, gelijkgestemden te vinden en zich te verenigen als ze het gevoel hebben niet de enige te zijn met een bepaald probleem.

Een consument die in opstand komt tegen een grote organisatie kan zich soms machteloos voelen, vooral wanneer het om een van de belangrijkste levensbehoeften gaat: een plek om te wonen. Het is prettig om in contact te komen met mensen die dezelfde ervaring hebben en het biedt een mogelijkheid om samen de situatie te veranderen. Als een aanzienlijk deel van de kiezers een huis huurt, is het voor politici interessant om deze groep tegemoet te komen. Onderzoek toont aan dat huurders een betaalbare huur (niet te hoog of te laag) op een leuke plek belangrijk vinden, in een wijk die niet al te veel in samenstelling verandert. Lokale overheden hebben in het verleden soms gentrificatie ‘de opwaardering van een buurt of stadsdeel op sociaal, cultureel en economisch gebied’ van steden en buurten toegepast om de lagere klassen te verdrijven. Gentrificatie werd toen als iets positiefs beschouwd. Tegenwoordig wordt dit gezien als de oorzaak van segregatie; niet goed voor de sociale cohesie en het gemeenschapsgevoel.

In verschillende steden in de wereld heerst het gevoel dat de huurprijzen in steden onbetaalbaar zijn (geworden) en dat de verhuurders hiervan de vruchten plukken. Naarmate meer huurders dit gevoel hebben zullen ze zich gaan mobiliseren. We zien dit al gebeuren in Hongkong, New York, Californië, Parijs en Berlijn. In Berlijn hebben de linkse politieke partijen nieuwe wetgeving voorgesteld om de huur voor de komende vijf jaar te bevriezen. Wij denken dat dit geen oplossing is voor het echte probleem, namelijk een gebrek aan beschikbare woningen. Desalniettemin beschouwen huurders het als een stap in de goede richting die de populariteit van deze linkse partijen heeft vergroot.

 

De woningmarkt: belegger open uw ogen voor de risico’s

Een belegger in onroerend goed zoekt naar de optimale balans tussen risico en rendement. De groei van de vrije markthuren en de mate waarin die groei daadwerkelijk gerealiseerd kan worden, vormt een belangrijk onderdeel van de rendementsverwachting. Het is bekend dat dit bij residentieel vastgoed lastiger is vanwege de toegenomen regelgeving om huurders te beschermen. Het rendement kan lager zijn, maar we moeten ook rekening houden met het risicoprofiel. Hiervoor kan de volatiliteit van de kasstromen op vastgoedniveau geanalyseerd worden. De woningsector is minder gevoelig voor de economische cyclus dan andere sectoren, zoals kantoren of winkels, en heeft lagere volatiliteit in kasstromen. Over het algemeen zien we dat de huurprijzen lager zijn dan de marktprijzen. Je zou kunnen zeggen dat dit een veiligheidsmarge biedt voor potentiёle markthuurdalingen in de toekomst. Daarom worden woningen vaak gezien als een minder risicovolle sector, maar ook met een lager verwacht rendement, omdat de groei wat meer gedempt is.

Met de onrust onder huurders en het gehoor dat zij krijgen bij politici, zien we de woningmarkten wereldwijd in vergelijkbare richtingen bewegen.

Verder lezen, klik dan hier