Van pensioen- naar beleggingsfonds


De druk op de pensioenfondsen blijft onverminderd groot. Na een voorzichtig herstel in de laatste helft van 2009, komen de negatieve berichten weer langzaam binnendruppelen.

Menig pensioenfonds ziet zijn dekkingsgraad weer zakken onder de 100 procent, het niveau van volledige dekking.

Deelnemers in pensioenfondsen worden steeds directer geconfronteerd met tegenvallende beleggingsresultaten in de vorm van gemiste compensatie voor inflatie of zelfs afstempeling van de verplichtingen.

Het Nederlandse pensioensysteem is begonnen aan een langzame mars richting de in de VS zo populaire 'defined contribution plans'.

Gewenst
Afgezien van het feit dat Amerikaanse pensioenen beter 'undefined benefit plans' zouden kunnen heten, kan men zich afvragen of dit een gewenste ontwikkeling is. Het eerste antwoord is dat het een gewenste ontwikkeling is, aangezien het onmogelijk is om de grote groep van gepensioneerden van gegarandeerde waardevaste pensioenen te voorzien.

Uiteindelijk kan een pensioenfonds niet anders doen dan de beschikbare bezittingen te verdelen over de deelnemers, en als er te weinig bezittingen zijn voor het doen van vooraf beloofde uitkeringen dan zullen die beloftes herzien moeten worden.

Dan is het beter om meteen maar aan de deelnemers duidelijk te maken dat hun pensioen onzeker is. Als het goed is kunnen ze dan jaarlijks op hun Uniform Pensioenoverzicht zien hoe het te verwachten pensioeninkomen schommelt met de waarde van hun beleggingen.

Ongewenst
Het tweede antwoord is dat het een ongewenste ontwikkeling is omdat een groot deel van de deelnemers amper in staat is de risico's te dragen en te doorzien. Deelnemers worden op deze manier gedwongen beleggers in een pensioenfonds, dat eerder op een beleggingsfonds lijkt.

Het ABP heeft als voorschot hierop alvast een eerste stap gezet door portefeuilles om te zetten naar beleggingsfondsen.

Terwijl particulieren bij gebrek aan kennis en ervaring door financieel adviseurs ontraden wordt om bepaalde complexe en risicovolle instrumenten aan te schaffen, beleggen ze via hun pensioenfonds in complexe en ondoorzichtige portefeuilles met onder andere hedge funds, private equity, en diverse derivaten.

Gulden middenweg
De oplossing ligt zoals gebruikelijk in de gulden middenweg. De klassieke pensioenfondsen met vooraf gedefinieerde uitkeringen met een streven naar waardevastheid zouden gehandhaafd moeten blijven voor de basis van het pensioen.

Met name voor de lagere pensioenen is deze waardevastheid van belang, omdat deze pensioenen worden genoten door mensen met doorgaans lage lonen die weinig ruimte hebben voor tegenvallers.

De norm voor wat een laag pensioen is zou bijvoorbeeld kunnen worden ontleend aan de hoogte van de AOW uitkering. Een laag pensioen is bijvoorbeeld een uitkering die leidt tot een pensioen van minder dan 150 procent van de AOW uitkering. Voor de hogere pensioenen zijn 'undefined benefit plans' een prima oplossing.

Auke Plantinga is universitair hoofddocent aan de faculteit economie en bedrijfskunde van de Rijksuniversiteit Groningen.

De informatie in deze column dient niet te worden opgevat als beleggingsadvies, beleggingsaanbeveling, aanbod of uitnodiging om effecten te kopen, te verkopen of anderszins te verhandelen.