Reddingsboei: opkomende markten


Het minste dat we in deze vakantieperiode kunnen zeggen, is dat de markten hun volatiliteit niet hebben verloren. Hoewel deze zomer rijk is aan economische gebeurtenissen, is het belangrijkste voorval toch het einde van de grote baissecyclus van de Amerikaanse dollar.

 

Sinds het historische hoogtepunt van 15 juli 2008, toen 1,6038 dollar werd neergeteld voor 1 euro, daalde de waarde van de euro op 12 augustus 2008 tot 1,4816 dollar. Zoals we eind juni 2008 al hebben aangekondigd, trok de sterke dollar de koers van de ruwe olie  omlaag in een context van een algemene daling van de grondstoffenkoersen.

Zomerrally
Het geluk en het ongeluk van de wereldgroei hebben het inflatoire gevaar paradoxaal genoeg uit de weg geruimd. Dat zorgde op korte termijn voor een zomerrally van de grote internationale beursindexen. Laat ons echter niet uit het oog verliezen dat die bewegingen, die worden gevoed door de hoop op een daling van de rentevoeten, gebeuren tegen de achtergrond van slechte perspectieven voor de Amerikaanse en Europese economieën.

In de Verenigde Staten wordt het financiële systeem geconfronteerd met een werkelijke crisis van de solvabiliteit van de belangrijkste actoren, Freddie Mac en Fannie Mae. Een echt herstel kan slechts op gang komen wanneer de daling van de bouwactiviteit voldoende zal zijn om een versnelde liquidatie van de stock van onverkochte woningen toe te laten, die momenteel op de markt weegt. Dat moet zorgen voor een duurzame vertraging van de Amerikaanse  economie.

Economische vertraging
Zeker omdat de energieke tussenkomsten van de Federal Reserve hun potentieel hebben opgebruikt: de Amerikaanse centrale bank zit gevangen tussen de eis om de economie te stimuleren en de plicht om waakzaam te zijn voor de inflatoire dreiging.

In Europa lijkt de toestand nauwelijks beter te zijn. De recente economische statistieken bevestigen alleen maar het scenario van een besmetting van de economische vertraging van de Amerikaanse economie naar het oude continent.

Het goede nieuws komt van elders. De vitale groei in de opkomende landen zal onze zonnestraal zijn. Weliswaar zijn die economieën niet immuun voor de economische vertraging van de ontwikkelde landen. Toch zouden ze volgens de laatste schattingen van het Internationaal Monetair Fonds in 2008 een groei van het bruto binnenlands product (bbp) met 6,9 procent moeten te zien geven, wat een meer dan degelijke prestatie blijft.

Chinese bbp
De vrees die hier en daar wordt uitgesproken, lijkt dus sterk overdreven. Sinds het begin van dit jaar is de economische groei in China vertraagd. Rekening houdend met de risico’s van een oververhitting was dat een wenselijke ontwikkeling. Momenteel blijft het ritme van de vooruitgang van het Chinese bbp gehandhaafd, rond 9 à 10 procent.

In die context blijft de vergelijking tussen het aanbod en de vraag van de grondstoffen meer dan ooit gunstig voor de producenten. De recente dalingen van de koersen van de grondstoffen beschouwen we alleen als een correctie binnen de haussebeweging op lange termijn, en niet als het begin van een duurzame baissebeweging.