‘Shell is op de goede weg met transparantie’


De huidige situatie in de energiesector heeft geleid tot grote afboekingen op olie- en gasvoorraden bij oliemaatschappijen, die gewaardeerd worden op basis van de vraag en de verwachte (olie)prijsontwikkeling. Shell sprak de verwachting uit dat de olieprijs de komende jaren niet hoger zal zijn dan 50 dollar. Andere marktpartijen zijn daar minder transparant over zijn.

Nu rijst echter de vraag of het olieconcern Shell misschien niet té transparant is geweest.

Het Financieele Dagblad van 4 augustus suggereerde in het artikel “Shell moet boeten voor zijn openheid” dat Shell voor deze transparantie wordt gestraft met een lagere aandelenkoers. Hierbij is de vergelijking getroffen met de koersontwikkeling van andere oliemaatschappijen zoals ExxonMobil en Chevron, die beduidend minder transparant zijn en ook minder openstaan voor een dialoog met aandeelhouders over de energietransitie.

In eerste instantie kan het erop lijken dat transparantie de onderneming geen goed doet: extra informatie die op risico’s duidt kan de koers immers onder druk zetten.  Wij bestrijden echter de gedachte dat meer transparantie tot blijvend lagere koersen leidt. We zien met name op het vlak van klimaatrapportage precies het tegenovergestelde en stellen dat niet rapporteren tot veel grotere nadelige koerseffecten kan leiden.

Toenemende ongerustheid 

Er is toenemende ongerustheid onder beleggers over de risico’s van klimaatverandering, even als nieuwsgierigheid naar de kansen die bedrijven zien in de energietransitie. Zo hebben 440 asset owners en 1650 asset managers zich verenigd in de UN Principles for Responsible Investment (UN PRI) om helderheid over die risico’s en kansen te krijgen, in lijn met de aanbevelingen van de Taskforce on Climate Related Financial Disclosures (TCFD). Deze beleggers beheren gezamenlijk ruim 100 biljoen dollar. 

Ook Climate Action 100+, een groep van 450 beleggers met een totaal belegd vermogen van 40 biljoen dollar, stimuleert bedrijven om hun CO2-emissies te verlagen tot een niveau dat ervoor zorgt dat de temperatuurstijging onder de 2 graden blijft. 

Tot slot hebben centrale banken zich verenigd in het Network for Greening the Financial System en hameren eveneens op de risico’s van klimaatverandering. En ook binnen de Nederlandse overheid wordt er gekeken naar maatregelen om de financiële sector te verduurzamen. Zo dienden GroenLinks, CDA en ChristenUnie een initiatiefnota in over dit onderwerp. Minister Hoekstra liet hierop weten de nota te onderschrijven en hij zei bovendien toe zich in te zetten voor de versterking van de Europese wetgeving. Hieronder valt onder meer de implementatie van het TCFD-raamwerk. 

TCFD-aanbevelingen 

De TCFD-aanbevelingen zijn uitgebracht in 2017 door een groep van beleggers, bedrijven en deskundigen om transparantie over de risico’s van klimaatverandering te verbeteren. De belangrijkste reden daarvoor was dat beleggers en andere belanghebbenden te weinig informatie hebben om goed te kunnen beoordelen in welke mate bedrijven financiële risico’s lopen vanwege klimaatverandering. 

Transparantie is dus essentieel om de juiste beslissingen te kunnen nemen en om de onzekerheid te verminderen. Want een bedrijf dat de risico’s niet beschrijft en ziet, levert per definitie een hoger beleggingsrisico op. De hogere onzekerheid of onduidelijkheid over het bedrijfsmodel, zal leiden tot een hogere risicopremie – en dus tot een lagere aandelenkoers.

Transparantie

Shell committeerde zich in 2017 als eerste grote oliebedrijf aan transparantie over klimaatrisico’s en kansen, in lijn met de aanbevelingen van de TCFD. Met haar transparantie over de verwachte olieprijs loopt het olieconcern nu voorop en laat het zien hoe het bedrijfsmodel gericht is op de energietransitie. 

Hiermee verkleint Shell naar verwachting ook het risico dat er wordt geinvesteerd in projecten die uiteindelijk tot stranded assets, en dus nieuwe afboekingen, zullen leiden. Dit is relevant voor beleggers omdat zij steeds meer het risico zien van een te trage transitie naar een CO2-neutrale wereld. Beleggers, zoals verenigd binnen de TCFD en de Climate 100+, spreken grote oliemaatschappijen hier bovendien ook steeds vaker op aan. 

Uiteraard hebben de beleggers en bedrijven als Shell hiermee nog niet de oplossing voor de energietransitie en is er ook voor Shell nog veel te doen op het gebied van verslaggeving. Wij pleiten echter voor grote transparantie; dat is immers de basis voor beleggers om de juiste ondernemingen te selecteren met de juiste prijsvorming. Shell is op de goede weg en zal de vruchten kunnen plukken van tijdige communicatie met beleggers.

Wim Bartels is partner bij KPMG. Eloy Lindeijer is Chief Investment Management en lid van het Executive Committee van PGGM*. Beiden zijn lid van de Task force on Climate-related Financial Disclosures.

*PGGM belegde ultimo 2019 van het totale beheerde vermogen van 252 miljard euro 267 miljoen euro in Shell.