Hoogste tijd voor KPI's impact fondsen


Fondsnieuws heeft een mooie bedrage geleverd aan het thema Impact beleggen met de round table waar diverse specialisten hun visies over impact beleggen gaven. De conclusie was dat impact beleggen in beursfondsen in de praktijk weliswaar prima werkt voor duurzaam beleggen waar je middels uitsluiting, interactie, voting en zelfs shortgaan op aandelen een bijdrage aan kunt leveren.

Voor impact beleggen in beursgenoteerde ondernemingen ligt dit wat moeilijker. Hoeveel impact bereik je als impactbelegger als je de aandelen van een andere aandeelhouder koopt via de beurs? Je kunt natuurlijk prima rapporteren over de besparingen op water, CO2, goede arbeidsvoorwaarden, etc/, maar je hebt als belegger geen impact gecreeerd. Het bedrijf deed dit al en gaat er ook mee door.

Indien de onderneming aandelen zou uitgeven en je die als impactbelegger koopt omdat de onderneming aangeeft nog sneller haar besparingen op water, CO2, enz te kunnen realiseren, dan zou je mogelijk van impact beleggen kunnen spreken.

Definitiekwestie 

Het grote probleem in deze discussie is dat er geen definitie voor impact beleggen bestaat. Maar volgens onderzoek van Feri Cognitive Finance Institute en het Institut für Wirtschaftsethik van de Universiteit van St. Gallen, zijn er op basis van vele gesprekken met impact beleggers wel de volgende conclusies te trekken:
1)    Er moet een financieel rendement zijn, tenminste behoud van kapitaal;
2)    Genereren van een positief sociale en/of ecologische werking;
3)    Meten van 2) en hierover berichten.

Bij punt 1 hadden we in het webinar al gehoord dat iedereen rendement boven impact verkiest. Deze groep wordt in het rapport bgestempeld als "non-concessionary investors". De groep die wel bereid is om rendement in te leveren voor grotere impact wordt "concessionary" genoemd. Dit laatste hoeft overigens niet te betekenen dat men per definitie minder rendement maakt, maar men is bereid meer risico te lopen.

Ad 1, zowel in de wetenschap als in de praktijk wordt gedacht dat financiele en niet-financiele doelen met elkaar in symbiotische zin gelijk kunnen opgaan. Dit is natuurlijk niet vanzelfsprekend; de kans is zelfs groot dat rendement en bijvoorbeeld ecologische werking loodrecht op elkaar staan.

De werking te meten is erg belangrijk om ook onderscheid te kunnen maken tussen impact investing en social washing. Gelukkig bestaan er al een aantal methoden, zoals het Impact Reporting and Investment Standards (IRIS) en het Global Impact Investing Rating System (GIIRS).

Veel impact fondsen die nu gelanceerd worden, hebben uitstekende rapportages en websites waar je zelfs jouw impact per geinvesteerde euro kunt berekenen. Morningstar gaf op Fondnsieuws ook een mooie lijst. Maar bij navraag, zowel bij Morningstar als bij de managers van deze fondsen, kon niemand mij aangeven wat nu de impact doelstellingen zijn, noch waren deze op de respectievelijke websites te vinden. Daarmee komen we terug op mijn punt dat deze fondsen helemaal geen impact creëren. Ze doen prima de duurzame selecties, maar geen impact, zeker niet door de manager. Ik daag de managers dan ook uit om het tegendeel te bewijzen en dat dan duidelijker op hun website te vermelden.

Ik neem de vrijheid deze fondsen als "impact washers" te betitelen: ze springen op een trend springen zonder dat ze daadwerkelijk waarde toevoegen. Dit geldt ook voor de 5 geselecteerde managers die weliswaar spreken over hun eigen gedrag alsmede dat ze „engagement management“ hebben en „voting thoughtfully“ (Baillie) of zelfs voorbeelden noemen van een onderneming, dfs, die het initiatief van WWF om te meten „verwelkomen“ (Lion Trust). Janus houdt er haar eigen ESG-principes op na en Mirova spreekt van „Social & solidarity economy" (SSE) maar dit vindt je dan alleen terug in hun non-listed fondsen zoals Althelia, niet bij het Global Sustainable fonds wat gewoon in Microsoft en Ebay belegt. Kortom, hier is nog wat huiswerk voor als men zich als impact selector wilt presenteren.

Ik heb ook een aantal experts bij private banks in Nederland gesproken die de selectie van dergelijke impact fonsen doen. Zonder uitzondering hameren zij op KPI's, dus het meten van de impact. Dat kan alleen door je vooraf duidelijke doelen te stellen en deze te meten. Bij geen van de vijf fondsen en managers gebeurt dat, met uitzondering van Mirova voor niet-beursgenoteerde fondsen.

De twee bovengenoemde instituten wijzen er in de conclusies van hun studie er op dat met het populair worden van Impact Investing men een groot risico loopt dat begrippen verwateren om maar zoveel mogelijk geld binnen het thema te kunnen plaatsen. De opstellers van het onderzoek spreken van "social washing". Dat is jammer, want duurzaam beleggen is belangrijk, net zoals dat geldt voor de SDG's van de Verenigde Naties.

De studie van St. Gallen/Feri is verkrijgbaar bij de Universiteit voor geinteresseerden, of wie mij een mail stuurt ontvangt een electronische kopie.

Henk van Eldik is managing director van de vanuit Luxemburg actieve consultant MFC. Sarl, die zich richt op marketing van macro-economische research en data, alsmede Ucits en AIF-fondsen, inclusief ESG- en impactoplossingen.