Janet Yellen, houd haar tegen!


De Amerikaanse regering heeft geld nodig voor grote investeringen in de infrastructuur.  Janet Yellen, de nieuwe Amerikaanse minister van Financiën, heeft daarom diverse plannen gelanceerd die moeten leiden tot lastenverzwaring voor bedrijven.

Zo wil ze onder andere de federale vennootschapsbelasting, die onder de vorige president was verlaagd van 35 naar 21 procent, verhogen naar 28 procent. Ook wil ze internationale afspraken over een minimaal tarief van 21 procent bij die belasting. 

Het is Yellen een doorn in het oog dat de overheidsinkomsten uit de vennootschapsbelasting onder president Trump op een historisch dieptepunt zijn beland. Bovendien verliezen de VS volgens Yellen overheidsinkomsten door de belastingconcurrentie van andere landen. Die concurrentie moet daarom stoppen. 

Een gevalletje boter op het hoofd 

In Nederland bracht de vennootschapsbelasting in 2019 3,1 procent BBP in het laatje voor de overheid. In de VS bedroegen de inkomsten uit de federale vennootschapsbelasting in 2019 inderdaad slechts 1,1 procent BBP, zoals Yellen vorige week in een opiniestuk in de Wall Street Journal meldde waarin ze opmerkelijk venijnig uithaalde naar de vorige president. Individuele Amerikaanse staten mogen echter ook vennootschapsbelasting heffen en 44 staten doen dat ook.

Als je die bedragen meetelt, wordt het verschil tussen Nederland en de VS kleiner, maar verdwijnt het niet. Amerikaanse staten beconcurreren elkaar bij voortduring met belastingregels. Dat Yellen zulke praktijken internationaal wil stoppen, lijkt daarom een gevalletje boter op het hoofd.

Overigens waren de federale inkomsten uit vennootschapsbelasting vóór de belastingverlaging in 2017 slechts fractioneel hoger: 1,5 procent BBP. Volgens de ramingen van het Witte Huis stijgt het percentage de komende jaren ook zonder nieuw beleid weer naar 1,5 procent en onder president Obama was het gemiddelde percentage ook 1,5 procent.

Het lijkt daarom wat overdreven dat Yellen zich nu zo negatief uitlaat over president Trump, zeker aangezien het handig zou zijn enige steun onder Republikeinen te vinden voor de plannen. Maar ja, toen haar termijn als Fed-baas begin 2018 afliep, gunde Trump Yellen geen herbenoeming. Ze heeft dus nog een appeltje met hem te schillen.

Grote vs kleine anden

Grote landen zijn bij belastingconcurrentie tussen landen in het nadeel. De totale belastinginkomsten voor een land zijn het product van het tarief en de heffingsgrondslag. Kleine landen kunnen door een lager tarief te hanteren dan grote landen hun heffingsgrondslag zodanig vergroten dat hun totale inkomsten stijgen, tenminste als andere vestigingsplaatsfactoren voldoende aantrekkelijk zijn. Voor grote landen geldt dat niet.

De kans dat die hun heffingsgrondslag meer dan proportioneel vergroten met een lager tarief is immers veel kleiner. Dit spel is dus in het voordeel van kleine landen en gaat ten koste van de belastinginkomsten van grote landen. Moet het daarom stoppen?

De kleintjes hebben in hun concurrentie met grote landen ook veel beperkingen. Bedenk eens hoezeer Amerikaanse bedrijven profiteren van militaire uitgaven of uitgaven aan de ruimtevaart en de technische ontwikkeling die eruit voortvloeit. De grotere binnenlandse markt is ook een onoverbrugbaar voordeel.

Het is geen toeval dat de grootste en machtigste bedrijven in de wereld over het algemeen uit grote landen komen die daar zorgen voor veel hoogwaardige werkgelegenheid. Daarom is het niet onredelijk dat kleine landen de mogelijkheid hebben het belastingstelsel in te zetten als vestigingsplaatsfactor.

Belastingconcurrentie is goed 

Een beetje concurrentie tussen landen lijkt mij bovendien heel gezond. Nationaal hebben overheden een monopolie op belastingheffing. Dat werkt inefficiëntie in de hand. Hoge inkomsten en navenante overheidsuitgaven zijn zeker geen garantie voor een hoogwaardig niveau van collectieve voorzieningen.

Vergelijk Italië eens met Nederland. De Italiaanse staatsschuld is zo’n 85 procentpunten BBP groter dan de Nederlandse. Wat krijgt de Italiaanse burger daarvoor? Volgens mij weinig tot niets. Vergeleken met Nederlandse beleidsmakers, die ook niet heilig of geniaal zijn, hebben Italiaanse politici in de loop der jaren veel meer geld over de balk gesmeten. Nee, laat overheden net zoals bedrijven maar met elkaar concurreren. Dat kan echt geen kwaad. We moeten Yellen tegenhouden.

Han de Jong is voormalig hoofdeconoom van ABN Amro en momenteel ondermeer huiseconoom bij BNR. Hij schrijft wekelijks voor Fondsnieuws over economie en markten. Meer informatie over zijn visie kunt u lezen op Crystal Clear Economics.